Sapiens, a Brief History of Humankind door ‘Yuval Noah Harari’

Een boek dat alles probeert te verklaren is altijd interessant. Welke methode en theorie zal de schrijver gebruiken? Het boek van Harari is uitermate aantrekkelijk en zet aan tot denken omdat de historicus het talent heeft om allerlei zaken te vergelijken en te verbinden. Met zijn methode kan hij je een spiegel voorhouden over werken in een kantoor met een verhaal over de eerste landbouwers of het Christendom gelijkstellen aan het Vrijemarktdenken.

Maakt dat het boek nihilistisch? Nee, en dat komt vooral doordat Harari zijn boek begint met te argumenteren dat sinds ongeveer 10.000 jaar geleden de Homo Sapiens niet meer noemenswaardig is geëvolueerd. De mensen die op mammoeten en bizons joegen zijn, in essentie, dezelfde als wij. Alles wat daarna is gekomen is culturele ontwikkeling en benadert Harari met de vraag: Hoe goed is het geweest voor dezelfde mens vroeger en nu?

Harari behandelt ontzettend veel thema’s, soms ook erg kort. Op hoofdlijnen maakt hij vier statements die ik het bewaren waren waard vind, deze heb ik hieronder uiteengezet.

Werk: doe waarvoor je geschikt bent

De eerste mensen waren jagers en verzamelaars. Zij zochten ongeveer 4 uur per dag naar voedsel. De rest van de dag besteedden zij rondom hun kamp. Harari stelt dat beginnend met de agrarische revolutie, en daarna met de industriële revolutie, de mens steeds verder van haar natuurlijke werkdag is verwijderd. We werken veel harder maar het is maar de vraag of we meer voldoening voelen. De voordelen van onze groeiende welvaart wennen snel, en daardoor is een stap terug onmogelijk. Dat geldt op individueel niveau (nieuwe spullen, persoonlijke hygiëne) maar ook collectief: Het aantal mensen dat nu leeft is niet te voeden zonder landbouw, kunstmest, tractoren en internationale handel. Wat hieruit geleerd kan worden is dat we bij het inrichten van onze werkdag moeten nadenken over onze oorsprong, natuurlijke behoeftes en talenten.

Geloof: de belangrijkste zaken in het leven zijn bedacht

Alle culturele fenomenen: religie, geld, kapitalisme en consumentisme zijn sociale constructen. De constructen zijn constant ontwikkelende pakketten van waarden, normen en verklaringen om levenskeuzes te onderbouwen. Hierdoor kunnen mensen die elkaar niet kennen toch samenwerken en elkaar vertrouwen. Als we gezamenlijk niet geloofden in de democratie, Nederland en het kapitalisme dan zouden we niet met 18 miljoen mensen kunnen samenleven in deze groene delta.

Harari speelt hier ook mee, veel mensen leven tegenwoordig vanuit de overtuigingen van het liberaal humanisme: elke mens weet zelf het beste wat hij of zij wilt. Echter tegenwoordig weten we meer en meer dat de mens gedreven wordt door fysiologische processen. Mensen jagen een stoot dopamine, serotonine en oxytocine na. Weet een individu dan wel echt het beste wat zij of hij wilt? En worden we daarbij niet te veel beïnvloedt door reclame en marketing? Dit vraagt om een nuchtere benadering van onze behoeftes.

En wellicht een nieuw wereldbeeld…

Vooruitgang: de mensheid wordt steeds meer één

Millennialang dachten mensen alles te weten wat belangrijk was: religies verklaarden waarom de zaken zo zijn als ze zijn. Vijfhonderd jaar geleden kwamen Europeanen erachter dat zij niet alles wisten door de ontdekking van een nieuw continent dat in de Bijbel niet is omschreven. In Amerika kon ontzettend veel geld verdiend worden. Tijdens het kolonialiseren leerden de Europeanen over de natuur en cultuur van de Nieuwe Wereld. Zo raakten Europeanen steeds meer overtuigd van de waarde van wetenschap, economie en de uitbreiding van hun rijken als drijfveren voor vooruitgang en groei.

Dit had ook negatieve gevolgen. De handelswijze leidde tot slavernij, genocide van vele volken en uitputting van het milieu. Echter, na dekolonisatie van de wereld omstreeks 1945 zijn alle mensen met elkaar verbonden en overtuigd van de waarden van de renaissance: wetenschappelijke uitvindingen en economische groei leiden tot meer welvaart en welzijn. Dit laat zien dat we door handel, wetenschap en politieke processen steeds dichter tot elkaar komen als mensheid.

Geluk: leer jezelf kennen

De groei van welvaart en welzijn is evident de afgelopen 500 jaar. Denk aan de toename van de totale wereldwijde productie, afname van sterfte door geweld, de daling van kindersterfte en de uitroeiing van ziektes zoals polio. Maar zijn mensen ook gelukkiger gevonden?

Het kan maar zou zijn dat een Middeleeuwse boer die is geleerd dat als hij zijn hele leven braaf werkt op zijn land dan naar het hiernamaals mag gelukkiger is met zijn leven dan een moderne kantoormedewerker die niet goed snapt waarvoor hij 40 uur per week de loonadministratie bijhoudt.

Harari stelt dat onderzoek naar geluk nog in ontwikkeling is en dat hij drie theorieën ziet:

  • Geluk is zolang en zoveel mogelijk dopamine, serotonine en oxytocine in je brein.
  • Geluk is voldoening halen uit je leven.
  • Of geluk is, volgens de Boeddhistische leer, jezelf ontdoen van lichamelijke behoeften en maatschappelijke wensen.

Voorlopig kunnen we bij het maken van levenskeuzes alle drie de theorieën aflopen. Maar bovenal is de les dat het voor ons eigen leven steeds interessanter wordt om studies naar de werking van ons lichaam en brein te volgen, zo kunnen we beter gaan snappen waar we echt naar moeten streven om onszelf gelukkig te maken.

Advertenties

Review: Morten-trilogie door ‘Anna Levander’

Mijn eerste boek uit de Morten-trilogie kreeg ik omdat de Openbare Bibliotheek gratis boeken uitdeelde. Het is een pakkende vertelling over hoe de gehaaide politicus Morten Mathijsen strijd met (en tegen) zijn Nieuwe Liberalen om premier te worden. Morten is een hoofdpersoon die over lijken gaat. Dicht op zijn hielen is Marijn Flanders, een ambitieuze schrijfster die denkt dat ze op basis van geruchten over Morten haar eerste bestseller kan schrijven.

Leuk zo’n gratis boek. Jammer alleen dat nergens staat dat het onderdeel uit maakt van een serie. Des te meer omdat schrijfsters Annet de Jong en Dominique van der Heyde (pseudoniem: Anna Levander) besluiten om het eind het verhaal weer open te gooien met een moordaanslag. Ik kon na de laatste punt het boekje wel in de gracht werpen.

 

20170310_202512
Morten-trilogie door Annet de Jong (De Telegraaf) en Dominique van der Heyde (NOS/Nieuwsuur)

 

Na een maand bijkomen van deze schok kon ik weer een nieuw boek aan. In de boekwinkel vertelde ik dat ‘Morten’ mij bevallen was en er werd me verteld dat het onderdeel uitmaakte van een trilogie. Dat verklaarde veel…

De twee volgende delen zetten andere personages meer centraal, zoals de Marokkaans-Nederlandse fractievoorzitter Mo Limam. In vier dagen heb ik me door die twee delen heen gewerkt. De schrijfstijl is echt Hollands; direct en plat. Mensen zullen nooit een glas wijn drinken, ze zuipen, ze gieten of ze kieperen bellen wijn in hun keel. Als dat je niet stoort, leest het heerlijk.

Dat drinken is sowieso een thema in het boek. Als lezer moet je bijna wel of meedrinken tijdens het lezen, zo prominent zijn de dure flessen wijn in het verhaal. Het lijkt ook alsof het boek je kant laat kiezen, of voor de drinkers (Morten, Monique of Esther), of voor de niet-drinkers (Mo en Marijn – die laatste tot op een zeker moment). Degenen met macht zuipen zich een ongeluk. En degenen die niet drinken zijn hun macht kwijt.

Met vier aanslagen in drie boeken slagen de schrijfsters er in om een ander Nederland te scheppen. Een waarin niet eerder gehoorde politieke ambities, zoals een heropvoedingseiland voor jihadisten in Griekenland, werkelijkheid worden. Het geeft te denken hoe de Nederlanders in het boek reageren. Zij geloven de ‘spins’ van de politici op tv en blijven vragen om een sterke leider. Een leider die dikwijls de rechtstaat en de volksvertegenwoordigers links laat liggen.

Al met al een leuk zijpad van de werkelijkheid. Die hopelijk wat extremer blijkt te zijn dan alles wat er achter de schermen gebeurt bij de huidige verkiezingen. Dat scheelt in ieder geval een stapel doden. Want ook het laatste deel wordt afgesloten met een onduidelijke moord (zucht). Ik geloof niet dat er nog een vierde deel komt om uit te leggen hoe die uitpakt. Dan nog maar een bel wijn. Proost!

 

Review: Century-trilogie door Ken Follett

De afgelopen anderhalve maand heb ik meer gelezen dan in heel 2016. Ik bedacht me dat ik enorm van historische en politieke romans houd, en in de century-trilogie van Ken Follett vond ik dat.

In bijna 3000 pagina’s beschrijft Follett de periode 1908 tot 2008. Hij volgt hierbij de verhalen van vijf families, verdeeld over Amerika, Engeland, Duitsland en Rusland. De hoofdpersonen komen, op Forest Gump-achtige wijze, terecht in alle grote gebeurtenissen van de 20e eeuw: de Slag om de Somme, de aanval op Pearl Harbor en de moord op JFK.

20170306_202431
Century-Trilogie door Ken Follett

De kracht zit niet in het schrijfwerk, soms wordt een verhaallijn snel afgerond door te stellen, “en dat zou ook nooit gebeuren”. Tenenkrommend.

Maar na verloop van tijd, letterlijk, worden de karakters pakkend. Omdat de loop van de geschiedenis bekend is, voel je soms de bui al aanhangen. Blijven de Duitse hoofdpersonen na de verschikkingen tijdens de Tweede Wereldoorlog echt op hun plek om verzeild te raken in de ellende van Oost-Berlijn?

In elk boek neemt Follett de volgende generatie als hoofdpersonen. Als 26-jarige lezer kan ik dit extra waarderen omdat zo elke keer verdiept wordt in de worstelingen van jonge volwassenen op het gebied van liefde en carrière. De karakters hebben vaak ook sterke idealen.

Het streven van de karakters om de wereld te vormen maakt de geschiedenis enorm levendig. Vanaf hun standpunt voelt het echt alsof alles mogelijk is. Het communisme kan hervormd, het fascisme kan op vredige manier worden verslagen. Dat die idealen uiteindelijk niet of alleen in afgezwakte vorm werkelijkheid worden zet aan tot nadenken.

Subtiel zijn ook de maatschappelijke veranderingen die in de boeken zich ontvouwen. Zo verandert de houding tegenover scheidingen geleidelijk, wordt het taalgebruik van de karakter grover en veranderen de beroepen: van arbeider of soldaat naar rockster, ambtenaar of journalist.

Tijdens het lezen dwaalden mijn gedachten af naar de huidige politiek. Zijn er intimidaties te zien zoals die ook plaatsvonden toen Hitler’s NSDAP aan de macht kwam? In hoeverre is Trump anders ten opzichte van Johnson, Nixon of Reagan?

Ik kan niet wachten op deel vier, maar dan zal er eerst nog een paar decennia voorbij moeten gaan.

 

Referendum hoort niet bij buitenlandse politiek

Meer democratie is de aanleiding voor GeenPeil om een referendum af te dwingen over het associatieverdrag met Oekraïne. Het verdrag is gesloten en ondertekend en nu willen de initiatiefnemers van GeenPeil erover stemmen of we het verdrag wel willen. Buitenlandse politiek moet niet met terugwerkende kracht democratisch zijn. Dit doet schade aan de betrouwbaarheid van Nederland.

Om te komen tot internationale afspraken onderhandelen ambtenaren en bestuurders met afgezanten uit andere landen. De doelen van die onderhandelingen zijn: veiligheid, economische vooruitgang en een betere wereld. Het zijn doelen waar alle Nederlanders de vruchten van plukken.

Om afspraken te maken moeten de onderhandelaars van de betrokken landen weten dat verdragen niet achteraf worden gestopt door de Tweede Kamer of een referendum. De belangen van internationale onderhandelingen moeten daarom vooraf duidelijk op tafel liggen. Dit helpt de voorspelbaarheid van gesprekken en betrouwbaarheid van landen. En dat is iets wat je wilt, zeker als het kan gaan om het voorkomen van oorlog.

De discussie rondom het referendum gaat nu erover in hoeverre de doelen worden gehaald. Is er wel iets te verdienen met handel met Oekraïne? En gaan ze zich echt ontwikkelen tot een rechtstaat? Of het nou veel of weinig bijdraagt, het is eigenlijk heel simpel: voor een betere, veilige en welvarende wereld maak je afspraken met je buren.

De kern van het referendum is dan ook hoe Nederland afspraken maakt. Wil je vooraf of achteraf meedenken? Achteraf meedenken zorgt ervoor dat Nederland onbetrouwbaar wordt aan de onderhandelingstafel. Vooraf nadenken en koers houden is dus het antwoord. Voor de meeste mensen betekent dat zij op een partij stemmen die naar hun idee de wereld beter gaat maken. Dat is betrouwbare democratie. En dat houdt de wereld veilig.

Peter Oosterloo

Urban Hymns (deel 3)

In deze serie leg ik een link tussen muziek en stadsgeografie. Het idee is om uiteindelijk twaalf nummers te selecteren in een playlist, genaamd ‘Urban Hymns’.

Vorige week eindigde over de West Coast, deze week gaat over de East Coast. Om precies te zijn over New York. In de jaren tachtig werden in deze stad wijken wereldwijd berucht door de opkomst van gansterrap. Deze week twee nummers die laten zien dat over de tijd de muziek over een stad verandert. Behalve dat het imago voor buitenstaanders kan veranderen, kan ook worden afgevraagd hoe de stad iemand vormt.

  1. Nas – New York State of Mind

In de loop van de twintigste eeuw raakte de maakindustrie in veel westerse landen in verval. Zo ook die in New York, ‘Made in America’ wordt: ‘Made in China’. In Amerikaanse steden leidde de overgang naar de diensteneconomie voor veel Afro-Amerikaanse inwoners tot werkeloosheid en afhankelijkheid. Amerikanen die niet werkten in de industrie konden de steden verlaten om te wonen in suburbane gebieden. Binnensteden werden dus enkel nog bewoond door een geïsoleerde groep arme mensen. De concentratie van armoede die in binnensteden ontstond leidde tot een verandering in de betekenis van armoede.

“I think of crime when I’m in a New York state of mind”

Wilson (1987) beschrijft de ‘new underclass’ waarin deze geconcentreerde groep Afro-Amerikanen samenwoont. Door de ruimtelijke uitsluiting van de lagere klassen uit wijken voor de middenklasse ontstaat er een schaarste aan rolmodellen, kansen en middelen. Werklozen vinden geen baan meer omdat zij niemand meer kennen die wel werk heeft. En doordat inwoners van een slechte wijk minder goed worden behandeld door buitenstaanders is ook ‘koud’ solliciteren steeds moeilijker. Rolmodellen uit de eigen klasse zijn ook schaars omdat veel mannen in de gevangenis zitten, voornamelijk voor kleine drugsgerelateerde vergrijpen. Wilson zegt uiteindelijk dat het leven tussen arme mensen leidt tot een grotere kans op criminaliteit, werkeloosheid, schooluitval, en tienerzwangerschappen. Wat Wilson dus eigenlijk zegt is dat een cultuur van armoede ook de armoede verklaard.

  1. Alicia Keys & Jay-Z – Empire State of Mind

Over de tijd verandert niet alleen de manier waarop we naar steden kijken maar ook naar minderheden. Jencks (1991) schrijft dat onderzoekers minder moeten kijken naar groepen maar meer naar de individuen. In plaats van dat een groep een bepaalde cultuur ontwikkelt, wordt de gemeenschap gevormd door individuen. En zij vormen ook de cultuur van de gemeenschap. Dit inzicht heeft tot andere uitkomsten gezorgd bij onderzoekers. Zo sommen Small & Newman (2001) op dat jongeren die in een armoedige wijk wonen de leidende cultuur liever niet verwerpen om te kiezen voor een straatcultuur. Onderzoek laat zien dat veel jongeren geloven in de kwaliteit van werk, familie en verantwoordelijkheid. Ook vinden Small & Newman dat te gemakkelijk alle etnische groepen over een kam worden geschoren. Niet elke migrantengroep leeft in een kansloze omgeving. Tegenwoordig worden er dan ook boeken geschreven over etnische wijken als ‘escalator regions’. In deze wijken heeft migratie een positief effect op de carrière van een individu omdat het netwerk van mensen uit dezelfde groep juist zorgt voor toegang tot werk en andere voorzieningen (Hedman, 2011).

Op deze laatste uitspraak is ook het thema van het nummer van Jay-Z en Alicia Keys van toepassing. Jay-Z heeft een zware jeugd gehad maar heeft de afgelopen vijftien jaar succes als rapper (nettowaarde van $500 miljoen, 2013). In zijn nummer vergeet hij niet alle anderen voor wie het niet is gelukt om de roltrap te nemen: “Eight million stories out there, … half of y’all won’t make it”. Echter, voor hem en Alicia Keys is New York een plaats geweest waar dromen werkelijkheid worden. Iets wat het voor veel andere inwoners uit slechtere wijken voor hen waar is geweest. En dat bevestigt dan weer de uitspraak van Jencks (1991) dat een lagere klasse niets nieuws is in Amerika.

Volgende week de laatste vier nummers, allemaal met de titel ‘Amsterdam’.

Peter Oosterloo

Urban Hymns (deel 2)

Dit is deel 2 van mijn idee om een geografisch verantwoorde CD samen te stellen van 12 nummers. Een combinatie van mijn liefde voor muziek met mijn bijna afgeronde studie stadsgeografie. Hier volgende de volgende drie, met uitleg.

Deel 1 gemist?

  1. A Long Time – Mayer Hawthorne (2011)

Dit nummer stond al een lange tijd in mijn jazz playlist. Door verwijzingen naar Henry Ford en Barry White was het duidelijk dat het een nummer over Detroit betreft. Over de Motor City heb ik tweemaal een collegereeks gehad. Vijftig jaar geleden had de stad twee miljoen inwoners maar sindsdien is het verval ingezet. De redenen hiervoor zijn de concurrentie van Aziatische autobedrijven en de suburbanisatie van gegoede burgers waardoor de belastinginkomsten terugliepen. Mayer Hawthorne (Andrew Mayer Cohen) groeide zelf op in Ann Arbor in Michigan, een van de suburbs van Detroit. Zijn artiestennaam is een afgeleide van de straat waar hij opgroeide: ‘Hawtorne Street’. Sinds 2006 woont Mayer Hawthorne in Los Angeles, Californië.

Sinds het nummer is uitgebracht is Detroit failliet verklaard door een publieke schuld van 18 miljard dollar. Van de 700 duizend mensen die nog in de stad wonen, leeft twee derde onder de armoedegrens en één op de drie huizen staat leeg. Veel kavels zijn veranderd in lege grasvelden. De stad houdt het hoofd boven water door donaties van rijke filantropen. Over de periode 2003 tot 2012 betrof het een bedrag van 600 dollar per inwoner, in het totaal 420 miljoen dollar. In vergelijking, alleen San Fransico ontving meer, namelijk 704 dollar per inwoner.

Veel inwoners van de stad zijn trots op de Motor City, zo waren zij bereid om een vrijwillige belasting te betalen ten behoeve van hun prominente museum ‘Detroit Institute of Arts’ met werken van Pieter Breugel en Van Gogh. Echter vinden de inwoners nu dat teveel lasten op de schouders van de inwoners worden gelegd. Pensioenen worden verlaagd (vijf procent) en wanbetaling wordt hard aangepakt. Er dreigt sociale onrust doordat waterleidingen worden afgesloten bij hen die niet betalen. Bijna de helft van de gezinnen in Detroit betaalt de rekening niet, en het waterbedrijf claimt dat zij 90 miljoen dollar per jaar mislopen. Gezinnen zitten door de aanpak soms weken zonder water. De burgers voelen zich uitgebuit omdat banken, verzekeraars en corrupte politici niet worden aangepakt. Of het harde werk en de opoffering dat wordt beschreven door Mayer Hawtorne uiteindelijk zal leiden tot een “return to former glory” is nog te bezien, een ding is volgens mij wel correct: “it’s going to take a long time”.

Benieuwd naar een lijst met alle nummers over Detroit?

  1. In this City – Iglu & Hartly (2008)

Dit feel good pop nummer kwam uit in het jaar dat ik op kamers ging wonen in Utrecht. Voor mij staat dit nummer voor een goede landing in een nieuwe stad. De initiatiefnemers achter Iglu & Hartly kwamen uit Colorado en landden in Los Angeles in hun streven naar een carrière in de muziek. Hier vonden ze de de ruimte om zich te uitten zoals ze thuis niet konden “They can’t express it,… won’t accept it”.

Waarom voel jij je thuis in je woonplaats?

Uiteindelijk zijn er veel plaatsen die je je ‘thuis’ kan noemen. Voor mij betekent je thuis voelen dat je bekenden en vrienden in de buurt hebt, je je gewaarborgd voelt in je huis, je de weg weet en vooral dat je speciale plekjes kent om buitenstaanders te laten zien. Mijn speciale plekken in Utrecht waren restaurant Badhu, café Olivier, snackbar La Brochetta en Pop-o-matic in Tivoli Oudegracht. Zoals in de clip van Iglu & Hartly te zien is moet Shellback Tavern zo’n plaats zijn in LA.

  1. Ice T – 6’N the Morning (1986)

In het L.A. van de jaren 80 was de criminaliteit en drugsproblematiek erg prominent. In deze periode werd de wijk ‘South Central’ met 125 duizend inwoners wereldwijd bekend als een ‘no-go area’ door hip hop en films. In deze media werd een beeld naar buiten gebracht van stedelijke verloedering, gangs en politie invallen. In de laatste veertien jaar is de criminaliteit echter gedaald. Was het moordcijfer in 1993 nog 21.1 per 100 duizend inwoners, in 2009 was dit getal gedaald naar 7.9 per 100 duizend. Onder andere door programma’s gericht op de gemeenschap, interventie in de bendes, en organisaties voor jongeren is het percentage moorden gedaald tot een niveau onder dat van de jaren vijftig. In 2003 is de naam ‘South Central’ veranderd naar ‘South Los Angeles’ in de hoop dat dit een breuk zou leiden met de associaties van verpaupering en georganiseerde misdaad.

Peter Oosterloo

 

Urban Hymns

Hobby’s combineren met je studie, een prima bezigheid. Een half jaar geleden begon dit idee te groeien en nu begin ik er eindelijk aan. Het samenstellen van een CD, dus 12 tracks, met stadsgeografisch verantwoorde nummers. Hier volgen de eerste drie:

  1. NEW DORP. NEW YORK – SBTRKT & Ezra Koening (2014)

New Dorp is een wijk van New York. Zoals de naam al verklapt is het een afgeleide van een Nederlandse kolonie ‘Oude Dorp’. New Dorp is door de Engelse kolonisten gesticht na de overname van de Nederlandse kolonie Nieuw Nederland. Tot aan de suburbanisatie van New York was het een van de belangrijkste steden op Staten Island. Staten Island is een van de welvarende buroughs van New York (gezinsinkomen is gemiddeld 43 procent hoger dan dat van NYC, 1999). Het is dus niet zo vreemd dat Ezra Koening (zanger Vampire Weekend) zingt dat zijn girl ‘A City To Run’ heeft vanuit haar limousine.

  1. Good for the City – Kraak & Smaak (feat. Sam Duckworth) (2013)

De eerste keer dat ik dit nummer hoorde was in November 2013. Tegelijkertijd volgde ik college over Berlijn. In één college ging het over de strijd om de gebouwen aan de Spree. Waar populaire uitgaansgelegenheden zijn herontwikkeld omwille van de hoofdkantoren van grote bedrijven zoals MTV. Als ik dit nummer hoor moet ik altijd denken aan een projectmanager die een zaal binnen stapt: “He laid his plans out on the table”. En voor enthousiast publiek oreert en verkondigd: “This will be good for the city, imagine it there looking oh-so pretty”. Waarna het publiek na de verbouwing erachter komt dat zij het karakter van hun stad hebben verloren: “…All our promises were sold. To build a temple of consumption, where stood a temple of the soul”. Gelukkig vond men in Berlijn weer andere marges waarin de subculturen konden opbloeien.

  1. From the Ritz to the Rubble– Arctic Monkeys (2006)

In een artikel (Hadfiel, 2009) over nachtleven en drinkculturen kwam ik opeens een quote tegen uit dit nummer. Criminoloog Hadfield beschrijft hoe de band uit Sheffield perfect samenvat hoe de stad verandert op het moment dat de zon ondergaat: “This town’s a different town to what it was last night. You couldn’t have done that on a Sunday”. Wat gebeurt er dan ‘s nachts? In de rest van het artikel schrijft Hadfield over de ‘culture of excess’. Ook hierbij sluiten de Arctic Monkeys aan als Alex Turner (toen 20) zingt: ‘secretly… [they] want it all to kick off, they want arms flying everywhere and bottles as well’. Waarmee hij het verlangen van andere leeftijdsgenoten omschrijft om voor het plezier op de vuist te gaan met elkaar. Ook de rest van het album ‘Whatever People Say I Am, That’s What I’m Not” geeft kleurrijke omschrijvingen van het Britse nachtleven. De oplossing voor de misstanden in de horeca volgens Hadfield? Meer verantwoordelijkheid leggen bij lokale cafébazen en de politie meer ruimte geven om met hen te onderhandelen. Zo moet er meer grijze ruimte zijn tussen het sluiten van een zaak en het gedogen van problemen. En de oplossing volgens de Arctic Monkeys? In ‘A Certain Romance’ leggen zij uit “They’ll never listen. Because their minds are made up. And course it’s all OK to carry on that way”.

Peter Oosterloo